Zuid Spanje (20-27 maart 2011) - Reisverslag uit El Rocío, Spanje van Caroline Online - WaarBenJij.nu Zuid Spanje (20-27 maart 2011) - Reisverslag uit El Rocío, Spanje van Caroline Online - WaarBenJij.nu

Zuid Spanje (20-27 maart 2011)

Door: Webmaster

Blijf op de hoogte en volg Caroline

30 Augustus 2011 | Spanje, El Rocío

TERUG IN DE TIJD

De trekvogel maakt zich klaar, vet op (niet teveel, niet te weinig), bekijkt het weer, de wind, is klaar voor het juiste moment, spreidt de vleugels en begint aan de gevaarlijke reis.

Zondag 20 maart - De vogelaar checkt in op Schiphol, met een koffer vol (altijd teveel), bekijkt tax free, eet wat, drinkt wat, kletst wat, sjokt naar de gate, stapt in de vliegmachine en begint aan de avontuurlijke reis.

We zijn onderweg. Niet geheel op het gemak, want het is de vraag of we de aansluitende vlucht gaan halen. Terwijl de trekvogel zwoegt, tuur ik door het raampje, lees wat, slaap wat.

De aansluiting in Madrid wordt -weliswaar krap- gehaald en we bereiken Sevilla. We verzamelen bij de reisleider en bij de bus ontmoeten we onze chauffeur José. Tijdens de rit kijken we uit naar de eerste vogels van boerenzwaluwen tot zwarte spreeuwen. Bij het binnenrijden van El Rocio keren we terug in de tijd. Het is een pelgrimsoord waar de straten onverhard zijn en de inwoners zich per paard verplaatsen. Mussen tjilpen ons tegemoet en huiszwaluwen dartelen met ons mee. Ze maken dankbaar gebruik van het zand als basis voor hun gemetselde nest.

We arriveren bij ons onderkomen: Hotel Toruño met een sfeervol houten interieur, waar elk van de dertig kamers is ingericht met een vogelsoort uit het aangrenzende nationale park Coto Doñana. Ons onderkomen ligt letterlijk aan de rand van het natuurpark. We kijken uit over de slaapplaats van zo'n 200 à 300 koereigers. Ze komen in groepjes sierlijk aangevlogen en gaan in de kale struiken aan de rand van het meer zitten. Ook zien we er o.a. lepelaars, zwarte ibissen en steltkluten. Als de zon ondergaat en alle vogels silhouetten zijn geworden, knabbelen we in het hotel van een lekker aperitief. Een welkom voorafje, want in Spanje eet men laat. Om 20.30 uur gaan we aan tafel. De maaltijd is overheerlijk. Verder zijn de meeste dames onder de indruk van de smakelijke ober.

NOOIT UITGEKEKEN

Maandag 21 maart - Bij het ochtendgloren staan we oog in oog met honderden flamingo's. Na het ontbijt waar de koffiedrinkers (on)aangenaam worden verrast door de sterkte van hun 'bakkie', gaan we met het busje naar El Acebuche, een brakwatermoeras omgeven door beboste duinen. Op het bezoekerscentrum nestelt een paar ooievaars en broeden roodstuitzwaluwen. De vogels zijn kleurrijk: de oranje hop, de gele Europese kanarie, de zwarte roodstaart. In het open veld vormen struiken dankbare uitkijkposten voor de op insecten jagende roodborsttapuiten en roodkopklauwieren. Bij de picknickplaats smeren we onze boterhammen en de blauwe eksters pikken graag een graantje mee. Een overvliegende dwergarend weerhoudt ons ervan de gereedstaande bus in te gaan. Het geduld van de chauffeur wordt op de proef gesteld als er ook nog een slangenarend verschijnt. En als we bijeneters horen (en zien!), lijkt van vertrek geen sprake meer te zijn. Uiteindelijk stappen we schoorvoetend in.

Het volgende gebied dat wij aandoen, Acebrón, is dichter bos. Hier moeten we het vooral van onze oren hebben. Er klinkt een koor van zangvogels, van Cetti's zanger tot zwartkop. We komen langs een moerasje met een kleine kolonie kleine zilverreigers, waar slapende kwakken tussen verstopt zitten. Na een korte busrit krijgen we bij Arroyo de la Rejes de zwarte ibissen van dichtbij te zien. Wie heeft deze Nederlandse naam verzonnen? In het Engels heet hij 'glossy ibis' en dat klopt beter met de prachtige metallic gloed van zijn verenkleed. We nemen de tijd om ze te bewonderen. Op de terugweg stoppen we langs een opgebroken weg om vanaf de andere zijde over het moerasmeer te kijken. Het uitzicht op El Rocio met de flamingo's op de voorgrond is een pláátje.

ETEN OF GEGETEN WORDEN?

Dinsdag 22 maart - Vandaag staat een bezoek aan het Parque nacional de Coto Doñana op het programma. Het 50.000 hectare grote terrein is één van de belangrijkste wetlands van Zuid-Europa en bestaat uit afwisselende landschappen van duinen en uitgestrekte brakwatermoerassen. Alleen met een gids en in een landrover mag je dit gebied in. Je mag ook slechts op aangewezen plekken uitstappen. Dit is niet alleen ter bescherming van het park, maar ook om te voorkomen dat je eindigt als maaltijd voor de lynx ;-)

Wij worden opgehaald in een grote jeep door Javy en hij trakteert ons bij de entree van het park meteen op een scharrelend paar rode patrijs. De bomen zijn broedplaats van ooievaars en zwarte wouwen (2.000 broedpaar). We zien hier maar liefst vier soorten leeuweriken. Hoewel de mysterieuze rietmoerasvogels knobbelmeerkoet en purperkoet een verborgen lezen leiden, laten ze zich aan ons fantastisch zien. De purperkoet toont zelfs zijn kenmerkende eetgedrag: hij trekt een groene rietstengel uit het water, houdt deze in zijn lange roze tenen en begint 'uit het vuistje' van de wortel te eten. Het vervolg van de rit wordt onderbroken door boven ons hoofd cirkelende vale gieren. Naast ons zien we waarom: er ligt een dood schaap in het veld waar een hond van zit te vreten. De gieren die al zijn geland, wachten ongeduldig tot zij aan de beurt zijn. Bij de uitgang van het park vormt een veld vol rode klaprozen een mooie afronding van deze indrukwekkende excursie.

De dag is nog niet voorbij en we rijden met onze eigen bus naar natuurgebied Lagunas de Palos y las Madres. Dit blijkt aan de voet van een raffinaderij c.q. industrieelachtig terrein te liggen. Geen wonder dat we het niet konden vinden. Na wat geworstel over een treinbaan en door het struikgewas, zien we in het vennetje in één kijkerbeeld een purperreiger en een ralreiger. Terug bij het hotel staan we voorafgaand aan het diner weer over de plas uit te kijken. Een groep van zo'n 60 vorkstaartplevieren vereert ons met een kort bezoek. Ze scheren als zwaluwen laag over het water. Over zwaluwen gesproken, drie soorten vliegen er rond. Ultieme waarneming is het tweetal overvliegende Spaanse keizerarenden. Pas dan kunnen we met een gerust hart aan tafel.

VAN HET ENE DAL IN HET ANDERE

Woensdag 23 maart - Met pijn in het hart neem ik afscheid van het hotel aan de rand van dit schitterende natuurgebied en het pittoreske plaatsje El Rocio. Er staat deze dag iets heel anders op het programma: Sevilla. Ik vind het een vreselijke stad, wat een drukte. Het levert de voor de reis nieuwe soorten kleine torenvalk (slechts enkele), vale gierzwaluw en halsbandparkiet op, maar gauw koop ik een kaartje voor de paleistuin van het Alcázar, waar ik de rest van de dag doorbreng tussen de exotische bloemen, planten én vogels. In de loop van de avond rijden we richting de bergen, naar de Sierra de Grazalema waar we na één nacht doorreizen.

Donderdag 24 maart - Vandaag maken we een wandeling door de kalksteenbergen van de Salto del Cabrero ( 'Sprong van de Geitenhoeder' ). Langs de rotswand scheren rotszwaluwen en een groep alpenkraaien die daar nestelen. Hoewel ik een redelijke conditie heb, valt de tocht mij zwaar. Mijn sterrenbeeld -Steenbok- doe ik geen eer aan. Ik ben niet gewend aan de hoogteverschillen en heb moeite met de (losliggende) stenen. Bovendien sjouw ik een paar kilo aan telescoop en fotoapparatuur met mij mee. Gezien de lengte van de wandeling en mijn langzame tempo (ondanks de welkome looptak), is er helaas weinig tijd om te kijken. Achteraf blijkt de afstand ook geen 7, maar 11 kilometer. Het zien van een blauwe rotslijster maakt echter een boel goed. Vervolgens reizen we naar een plek waar ik mij als een vis in het water voel: de zee. We logeren in Hotel de La Cordorniz ( 'de kwartel' ) in Tarifa, op loopafstand van het strand. Wat een verademing om de horizon te zien, het zand onder mijn voeten te voelen en de zeewind te ruiken.

ZO VRIJ ALS EEN VOGEL

Vrijdag 25 maart - Vanwege een flinke (oosten)wind, doen we vandaag het programma van zaterdag. We kijken uit over zee bij het dorp Zahara en zien langs de horizon pijlstormvogels en jan van genten die de wind juist gebruiken om te vliegen. Het ziet eruit alsof het ze geen enkele moeite kost om in de lucht te blijven. Bij het havenstadje Barbate wandelen we over de zandsteenkliffen van de Torre del Tajo langs de azuurblauwe zee. Vervolgens doen we twee moerasgebiedjes aan waar veel steltlopers rondstappen en enkele grote en reuzensterns rusten.

Zaterdag 26 maart - We rijden naar het meest zuidelijke deel van Spanje: Isla de las Palomas. Het schiereiland is militair gebied en afgesloten voor publiek. Dit is het punt waar veel vluchtelingen de oversteek wagen van het Afrikaanse continent naar Europa. Een beladen plek, dus. Het doet me denken aan het liedje van het Klein Orkest waarin wordt bezongen hoe vogels over de muur van oost naar west Berlijn vliegen. Net zoals de trekvogels hier doen.

We vervolgen onze rit naar Mirador Del Estrecho. Op dit uitkijkpunt staan veel vogelaars en fotografen en het is duidelijk waarom: hier komen honderden, duizenden, soms tienduizenden trekvogels over. Zij kiezen de kortste weg tussen de continenten om de zee over te vliegen. Wij vergapen ons aan zwermen zwarte wouwen, slangen- en dwergarenden. We picknicken op de heuvel van El Algarrobo waar we uitkijken over Gibraltar en honderden opschroevende vale gieren. Ze worden door hun enorme vleugels, met een spanwijdte van wel 2,5 meter, gedragen op de opstijgende warme lucht en zweven zo hoger en hoger. Zo verplaatsen ze van de ene naar de andere 'bel' van thermiek, waarmee ze tientallen kilometers kunnen overbruggen.

Zondag 27 maart - Sommige trekvogels blijven in Spanje, andere reizen -net als wij- verder naar het noorden. Tijdens een tankstop bij San Fernando kijken we nog éven uit over het moerasje erachter. Dat levert, naast een grote groep kluten en stelkluten, nog drie nieuwe vogelsoorten op waaronder een druk naar eten zoekende kemphaan. Hij is nog in grijs overgangskleed. Op de eindbestemming van z'n reis zal zijn hals getooid zijn in gekleurde sierveren. Na het veroveren van een partner, het nestelen en het zorgen voor nageslacht, moet hij aan het einde van de zomer wederom 'zijn koffer pakken' voor de gevaarlijke tocht naar zijn winterkwartier.

Zelf missen we door vertraging van luchtvaartmaatschappij Iberia ( Spaans voor 'ik heb geen horloge' ) onze aansluiting in Madrid en komen ruim een dag later aan op Schiphol. Maar ten opzichte van al die gevederde reizigers... zijn wij een stelletje geluksvogels!

Met dank aan:
• de vrolijke groenpetruiter (=gids Hans de Waard), mede-steenlopers en bekwame chauffeur José
• alle vogels van de reis (138 soorten!)
• het thuisfront: reizen is pas fijn als je veilig thuis kunt komen

  • 31 Augustus 2011 - 22:30

    Ria Van Dijk Balleri:

    Hoi Caroline ik wist niet dat er zoveel vogel soorten bestonden.
    Ik maak op uit het verslag ,dat je verschrikkelijk genoten heb.Ook de fot's zijn zo mooi .Groetjes uit Stompwijk.R.V.D.

  • 01 September 2011 - 17:49

    Lenie Groenewegen:

    Zo , dat had ik net even nodig zo'n leuk uitje met van die prachtige plaatjes en enthousiaste uitleg .
    dank en groet , Lenie

  • 01 September 2011 - 19:15

    Clasien:

    Ben wel nieuwsgierig naar die lekkere vogel (ober) hihi!! Laat die nou niet op de foto's te zien zijn. Nee hoor. Prachtig verhaal weer en wat een belevinis. Met de schitterende foto's weer iets waardevols als herinnering. Wat kunnen vogels toch waanzinnig mooi van kleur zijn. Als schilder wordt ik daar helemaal blij van.
    Liefs Clasien

  • 03 September 2011 - 16:51

    Mams:

    Weer een nieuw reisverslag met prachtige foto's en dan zoek ik voor mij de mooiste eruit.
    Kijken,weer terug naar de andere foto weer kijken en met een Tibetaans traantje is het de Vale
    Gier geworden.

    Vogel
    Als ik weg wil, word ik soms een vogel
    Dan ga ik heel ver hier vandaan.
    Over de huizen en het bos,op eigen wieken, helemaal los.

    Over de puntige bergen en de diepe zee; Als je wil dan mag je mee.
    Voel de wind langs je oren, voel de wind lang je haar.
    Hij blaast
    Alle gedachten uit je hoofd, anders ben je veel te zwaar.
    Theo Olthuis.

  • 04 September 2011 - 10:19

    Kees Dijkstra:

    Fantastisch verslag met prachtige foto's Caroline! Ik kon de reis helemaal mee beleven. Bedankt!

Reageer op dit reisverslag

Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley

Verslag uit: Spanje, El Rocío

Caroline

Pluk de dag voor je in een vaas eindigt!

Actief sinds 23 Juli 2006
Verslag gelezen: 2090
Totaal aantal bezoekers 297844

Voorgaande reizen:

01 Januari 2012 - 31 December 2012

2012

01 Januari 2011 - 31 December 2011

2011

01 Januari 2010 - 31 December 2010

2010

Landen bezocht: